john-inge.reismee.nl

Time flies...

En voordat je het weet, zijn we twee weken verder! Onze vakantie zit er bijna op, morgenavond vliegen we weer terug naar huis. We hebben heel veel gezien en heel veel gedaan: Laos uit, Cambodja in/uit en Vietnam weer in. vakanties lijken altijd te kort te zijn! De laatste dagen hebben we doorgebracht met luieren op ons 'eigen' tropische strand, wat er voor moet zorgen dat we er volgende week weer tegen aan kunnen.

Even denken waar waren we ook alweer gebleven: ons vertrek uit Huay Xai. Een klein vliegtuigje heeft ons naar Vientiane gebracht (de hoofdstad van Laos). We kwamen wat later in de middag aan dus veel hebben we niet van de stad gezien (nu was er ook niet veel te doen dus dat scheelt). ‘s Avonds heerlijk Indiaas gegeten en vroeg naar bed voor onze vlucht de volgende morgen naar Siem Reap (Cambodja).

In Siem Reap hebben we ons 3 dagen vermaakt met het bezichten van de Angkor tempels: het grootste religieuze complex ter wereld (tot nu toe in ieder geval want we lazen op internet dat India plannen heeft om het na te bouwen, nog groter uiteraard...). De tempels - of eigenlijk meer ruines - liggen verspreid over een oppervlakte van zo'n 80 kilometer en dateren uit verschillende eeuwen vanaf de 9e tot de 14e/15e. Sommige zijn in goede staat en andere zijn geheel overgroeid door bomen of afgebrokkeld. Op verschillende plaatsen zijn ze bezig met de reconstructie van de tempels. Een bizar monikkenwerk: alle stenen nummeren, bedenken hoe ze moeten worden opgestapeld en dan de juiste steen voor de juiste plek vinden.

In Siem Reap hadden we een voorproefje gehad van hoe de heetste maand van het jaar (april) er uit ziet. Temperaturen boven de 40 graden, geen zuchtje wind en ook geen wolkje aan de lucht. Zodra je een stap buiten zetten had je het gevoel dat je voeten onder je wegbranden. Je krijgt dan ook een medelijden met de mensen die deze tempels 1000 jaar geleden hebben gebouwd, wat een karwei. We hadden de tempels graag op de fiets willen verkennen maar gezien de warmte was dit voor ons iets teveel van het goede en hebben we ons dan ook rond laten rijden in een tuktuk.

De eerste dag hebben we de zonsondergang bekeken op de heuvel van Phnom Bakheng: wat een toeristische attractie! Hier staan de mensen letterlijk in de rij om de tempel op te mogen. Niet echt wat we in gedachten hadden maar ondanks dat wel mooi.

We vreesden dan ook voor de drukte in de dagen erop maar die viel ons ontzettend mee. De volgende dag hebben we de meest bekende tempels bezocht: Angkor Wat, Angkor Thom, Bayon, Ta Prohm en Preah Kahn. Allemaal in verschillende bouwstijlen en allemaal op een eigen manier uniek. Ta Prohm vonden we het mooiste, overgroeid met bomen krijg je echt een Indiana Jones gevoel. Zeker wanneer je eindeloos kan rondzwerven en over de rotsblokken kan rondklauteren: super!

Hierna hebben we een bezoekje gebracht aan de lokale markt net naast ons hotel (die redelijk buiten het centrum lag). Zo'n gigantische markt hebben we nog nooit gezien en geen toerist te bekennen wat ook wel eens leuk is voor de verandering. De vismarkt maakte hier de meeste indruk: met een botmes worden de levende vissen de kop zo ingeslagen! Onze smaak voor seafood was wel even verdwenen...

De volgende dag hebben we het wat verder gezocht buiten Siem Reap en de Banteay Srey zo'n 40 kilometer buiten de stad bezocht. Een prachtige rit bracht ons hier naar toe. Dat blijft heerlijk zo achter in de tuktuk - ondanks de hobblige wegen - wind in je gezicht met prachtige uitzichten.

Deze tempel was anders dan anderen en ook zeker de moeite waard. Vandaaruit zijn we naar Kbal Spean gebracht, niet een tempel maar carvings in de rotsen bij een rivier. Om er te komen wel een aardige wandeling bergop, maar de afwisseling met de natuur en de (kleine) waterval aan het einde maakte dit zeker de moeite waard.

Op de terugweg zijn we gestopt bij het landmine museum. Deze is opgericht door iemand die als kindsoldaat door de Rode Khmer is gerondseld en volgens weer door de Vietnamezen. In deze periode heeft hij vele landmijnen gelegd, nu wijt hij zijn leven aan de ontmanteling ervan: in Cambodja liggen - naar verwachting - nog zo'n 5 miljoen mijnen verspreid. We vonden het erg indrukwekkend, bizar en gruwelijk wat een oorlog kan doen met mensen en een land (maar daarover zo meer).

Hierna hebben we een butterfly garden bezocht, heel vredig vergeleken met hetgeen we zojuist hadden gezien. Een tuin vol met prachtige vlinders!

De volgende dag zijn we per minibus naar Phnom Phen vertrokken, de hoofdstad van Cambodja. We zaten hier in een prachtig design hotel waarmee we ons bijna in hartje New York of Londen waanden: tot je buiten komt uiteraard ;-)

Phnom Phen... tja wat zullen we zeggen? Een grote, drukke stad die een diepe indruk achterliet door de bezichting van de S21 prison en de killing fields. Tijdens de oorlog hadden de Rode Khmer een voormalig schoolgebouw omgevormd tot geheime gevangenis. Hier werden mensen vastgehouden die verdacht werden van misdaden tegen de staat. Maar in werkelijkheid hadden deze niets misdaan en werden hele families inclusief kinderen/baby's) hier vastgehouden en gemarteld om vervolgens afgevoerd te worden naar de killingfields waar ze vermoord werden. Slechts 7 van de zo'n18000 gevangen hebben het overleefd. Het geeft koude rillingen wanneer je door het gebouw (eigenlijk zijn het er 4) loopt met de cellen, martelkamers, en vele vele foto's van alle gevangen die zijn omgekomen. Met name als je de plekken ziet waar nog overblijfselen zijn van de school, met speeltoestellen die zijn omgevormd tot martelwerktuigen vraag je je af hoe mensen zo wreed kunnen zijn.

Vandaar uit hebben we de killing fields bezocht, de plek waar deze gevangen daadwerkelijk zijn omgebracht. Doordat kogels te kostbaar werden, werd dit op andere wijzen gedaan... Door middel van een audio tour wordt je over het terrein geleid. Opnieuw erg indrukwekkend, ondermeer door de 8000 schedels die zijn ondergebracht in een herdenkingsmonument maar ook zeker de kuilen in de bodem die allemaal wijzen op een massagraf. Nog altijd worden menselijke resten (tanden, botrestenm kleding etc.) teruggevonden, welke een keer per drie maanden worden verzameld. Onvoorstelbaar dat op zo'n mooie plek, zulke verschrikkelijke dingen hebben kunnen gebeuren.

En het ergste is nog wel dat degene die hiervoor verantwoordelijk waren nog altijd niet zijn berecht en uberhaupt pas in 2007 (!) zijn gearresteerd...

Vanuit Phnom Phen zijn we doorgereisd naar Kep, een klein plaatsje aan de kust van Cambodja. Hier hebben we een peperplantage bekeken, de crabmarket bezocht en heerlijk langs het strand gelopen om vandaaruit verder te gaan naar Phu Quoc (een eiland voor de kust van Vietnam/Cambodja). Een moeizame busreis, met een nog moeizamere grensovergang (iemand die niet begreep dat je met een multiple entry visum, echt meerdere keren het land binnen mag) en een zeer moeizame aankomst (de gekochte kaartjes voor de dropoff bij ons hotel, bleek helemaal niet naar het hotel te gaan) bracht ons uiteindelijk bij een supermooi strand en resort voor een paar laatste dagen ontspanning.

We slapen op een ecoresort (dus geen airco, een badkamer buiten en geen ramen!), in een eigen bungalow pal aan het strand op een voormalige mango plantage. De 40 bungalows staan verspreid over 2,5 hectare dus van je buren heb je hier geen last! Veel hebben we hier niet gedaan, slapen, luieren, lezen en genieten van een massage met uitzicht op de zee.

Ook wel noodzakelijk, want hoe ontspannen we overdag waren, hoe minder ontspannen we ‘s nachts sliepen met de vele dierlijke bezoekers in onze bungalow (2 gekko's van een halve (!) meter als vaste huisdieren, een kikker in de wc en een vleermuis die rondfladdert) zorgde ervoor dat we ‘s nachts niet heel goed sliepen... Maar die slaap hebben we overdag ruimschoots ingehaald en we hebben genoten van de vele mooie zonsondergangen en het heerlijke eten. Een avond zijn we gaan squid (inktvis) vissen waarbij we eerst de plaatselijk vissersboot bezochten om ons avondeten in te slaan. Bizar om te zien hoe de nog levende vissen in alle soorten en maten worden verkocht, verser kan niet!

Wij hadden geluk met het squid vissen en als enige op onze boot beet (John had beet, Inge heeft ‘m binnen gehaald). Tegen onze morele principes in.. lag de squid 15 minuten later gebbqd op ons bord!

Op dit moment wachten we op de taxi die ons naar het vliegveld brengt en vanaf hier vliegen we naar Ho Chi Minh (Saigon) voor onze allerlaatste dag vakantie... We spreken jullie weer als we in NL zijn en geniet alvast een beetje van de allereerste lente dag (we hebben vast wat zon vooruit gestuurd ;-)).

Slow down & high speed

We zijn op dit moment in Huay Xai , een klein plaatsje aan de Mekong rivier wat dient als grensovergang naar Thailand. Aan de overzijde zie je Thailand liggen en veel toeristen gebruiken dit dan ook als doorgang. Wij niet, drie landen in vier weken is al meer dan genoeg! Voor ons dient dit als startpunt voor de geweldige Gibbon Experience.


Woensdag zijn we vanuit Luang Prabang vertrokken per (lokale) slowboat. Slowboat wil niets anders zeggen dan dat je op 'slow' (lees: slakken) tempo over de Mekong cruised. De reis vanuit LP naar Huay Xai neemt dan ook 2 dagen in beslag waarbij je een tussenstop maakt in een klein dorpje Pak Beng (de eerste dag vaar je zo'n 10 en de volgende dag zo'n 9 uur, met daarbij 2 keer motorpech eenvoudig te repareren door gebruik van een potlood en een hamer?!). Het varen zelf is heerlijk! De slow boat is een grote houten boot, voorzien van oude (auto/bus?) stoelen die vastgespijkerd zijn op houten planken en daardoor in welke vorm dan ook, kunnen worden neergezet. In ons geval zo dicht mogelijk op elkaar: hoe meer, hoe beter natuurlijk. De zijkanten van de boot zijn open met alleen plastic zeil om te beschermen tegen eventuele regen.


We waren een uur voor vertrek aanwezig en hadden daardoor mooie zitplaatsen bemachtigd met meer dan genoeg ruimte om onze benen te strekken. Het lijkt erop dat ze bij de rest van de zitplaatsen rekening hadden gehouden met passagiers van het formaat dwerg, daar viel je hand bijna niet tussen te krijgen...
Op deze manier vaar je dus twee dagen over de Mekong met een prachtig uitzicht op groene heuvels, rotsen, afgelegen vissersdorpjes en af en toe maak je een korte stop om iemand op een rots (letterlijk!) of afgelegen strandje te droppen. Daarbij breng je je tijd door met slapen, eten, lezen, muziek luisteren, spelletjes spelen (we zijn bijna Sudoku Masters!) en van het uitzicht genieten. Dat alles met de zon in je gezicht en een heerlijke zwoele bries. Super relaxed! Na twee dagen waren we zo loom dat we bijna geen stap meer konden verzetten ;-)
Enig minpuntje was dat ze ons in Pak Beng van het geld uit onze portomonee hebben beroofd. Of we deze nu hebben verloren of dat ze hem hebben gestolen weten we niet. De portomonee hebben we uiteindelijk teruggevonden bij de eigenaar van het guest house waarbij alle pasjes er nog waren en alleen het geld weg was (op 1000 kip = 10 eurocent na, blijkbaar was de dief ons nog enigzins gunstig gestemd ;-)).


Na zoveel rust hadden we wel weer behoefte aan een adrenaline rush. Gelukkig hadden we ons al aangemeld voor de Gibbon Experience. Voor degene die het niet kennen: de Gibbon Experience is in het leven geroepen ter bescherming van het Bokeo oerwoud waar de Gibbon (een aapsoort) leeft. Naast bescherming is het natuurlijk een geweldige toeristische attractie waar geld mee kan worden verdient en veel mensen werk aan hebben. In de jungle hebben ze een serie van ziplines gespannen. De lengte van een zipline bedraagt tot maximaal een kilometer en de hoogtes tot zo'n 150 meter. Je vliegt dus letterlijk over de jungle heen. ‘s Nachts slaap je in een boomhut met adembenemende uitzichten. Dit was wat ze ons van te voren beloofd hadden en niets was minder waar, het is meer dan een aanrader voor diegene die nog eens naar Laos willen gaan!


Wij hebben gekozen voor de twee daagse experience, een vrij nieuw uitgezette route. ‘s Ochtends vroeg zijn we vertrokken in het gezelschap van een Tjechisch en een Russich stelletje. Nadat we een safety instruction video te zien kregen, werden onze ' harnassen' aan gedaan en begonnen we aan een flinke klim de berg op. Om bij ziplines op een dergelijke hoogte te komen moet er ook wat fysieke arbeid aan te pas komen, al hadden wij de voorkeur aan een kabelbaan gegeven... Door de jungle loop je over kleine bergpaadjes naar de eerste zipline toe. Vandaar uit gebruik je verschillende ziplines (met tussendoor kleine stukjes lopen) om bij de treehouse te komen. Sommige ziplines zijn in twee richtingen gespannen, andere zijn slechts een richting op te gebruiken. Het gevoel van zippen is super, vanaf het startpunt zie je vaak niet waar je gaat eindigen en de uitzichten onderweg zijn waanzinnig mooi! En dan de boomhut, dat is een beleving op zichzelf: onze boomhut bestond uit drie lagen voorzien van badkamer, keukentje en verschillende 'slaapkamers'. Deze boomhut wordt bewoond door een jong poesje, die aangenomen is om de muizen (ja ook op deze hoogte!) weg te houden (of op te eten...). Het is super om met de geluiden van de jungle in slaap te vallen (yep om 7 uur is het echt donker...) en alleen nog de geluiden te horen van de dieren om je heen. Al vonden we het rondfladderend beest rond onze klamboe om drie uur ‘s nachts toch minder aangenaam ;-)
De volgende dag zijn we vroeg op gestaan voor een wandeling door de jungle in de hoop aapjes te spotten, maar helaas, dit geluk was niet aan ons besteed. Na een ontbijt met rijst, frietjes en koekjes begonnen we aan onze terugweg: opnieuw een serie van ziplines met daarnaast een flinke afdeling van zo'n 2000 treden heuvel af. Deze inspanning wordt gelukkig beloond met de langste zipline (700 meter!) waarmee je van de ene naar de andere berg vliegt. Na een prima lunch en een zeer hobbelige rit achter in de jeep waren we weer terug in Huay Xai. Geheel in goede gezondheid op een paar schaaf/brandwonden en een flinke adrenalinestoot na. Niets wat een goede douche en een nacht slapen niet kan verzachten ;-) Maar goed... woorden zeggen in dit geval minder dan beeld en geluid dus hebben we een filmpje bijgevoegd (niet de beste kwaliteit ivm de upload snelheid) maar het geeft een idee. Dus check het kopje video's in het bovenste menu.


Vandaag brengen we nog door in Huay Xai, eigenlijk hadden we de bus moeten pakken naar Vientiane maar toen we er achter kwamen dat deze busrit 20 uur duurt en ook nog eens via Luang Prabang gaat waar we al geweest zijn (er is geen rechtstreeks verbinding) hebben we besloten om de reis per vliegtuig(je) te maken. In een kleine drie kwarier zijn we er dan. In Vientiane blijven we slechts een nachtje om dinsdag al meteen door te vliegen naar Cambodja (Siem Reap) waar we Angkor Wat bezoeken! Tot dan!

Luang Prabang

Vanuit Vietnam zijn we doorgereisd naar Laos. De laatste dag in Sapa was heerlijk: met een scootertje zijn we door de bergen gecrossed met opnieuw prachtige uitzichten. Daarna onze spullen gepakt en vervolgens zijn we keurig voor ons hotel opgehaald om de nachttrein naar Hanoi te halen. Dit keer was de treinreis iets minder comfortabel dan de vorige keer. Niet zozeer te wijden aan onze mooie treincoupe als wel aan onze medepassagier die luid snurkend de nacht heeft door gebracht ons (en vermoedelijk het hele treinstel) daarbij beroofde van een goede nachtrust. Helaas waren wij onze oordopjes vergeten...

Vanaf het station op naar het vliegveld. Onze vlucht had vertraging volgens de officiele bronnen 'due to bad weather conditions in Luang Prabang'. Toen wij vervolgens de actuele weersvoorspelling opzochten, gaf deze een mooie zonnige dag met 35 graden aan. Ach... bij ons rijden de treinen niet als de blaadjes vallen, hier vliegen ze niet als de zon schijnt ;-). Uiteindelijk zijn we met een vertraging van een uurvertrokken en aangekomen in Laos. Wat we helemaal geweldig vinden, wij hebben dit nu al tot ons meest favoriete land ooit bestempeld (of - mocht de rest tegenvallen, wat we ons niet kunnen voorstellen - onze meest favoriete stad!). De sfeer is hier zo goed en heerlijk relaxed: een oase van rust vergeleken met Vietnam. Het begon al met onze taxirit vanaf het vliegveld. In plaats van dat er 100 taxichauffeurs op je af komen die je allemaal naar een hotel willen brengen, koop je hier gewoon een kaartje en krijg je een taxi toegewezen. Geen gedoe en geen gezeur over de prijzen, top! Daar kunnen ze in Vietnam nog wat van leren... Vervolgens zijn we op een sukkeldrafje (30km per uur in de 4e versnelling) naar het centrum gebracht.

We hebben een prachtig hotel, gelegen aan de Nam Kahn rivier (Luang Prabang ligt feitelijk tussen twee rivieren in, deze en de Mekong). Ontbijten doen we dan ook heerlijk in de zon met uitzicht over het water. Jaja... we backpacken in stijl!

Luang Prabang is de voormalige hoofdstad van Laos waarbij je beter kan spreken van een dorp met zo'n 30.000 inwoners. In het stadje liggen zo'n 36 tempels en zie je vele monniken over straat gaan, totaal zijn er rond de 800 in LP. De stad wordt beschremd door Unesco. Alles ligt op loopafstand, al hebben we door het gebrek aan richtinsgevoel de eerste dag wel 10 keer een rondje gelopen om op de plaats van bestemming te komen.. Wat maakt LP nu zo bijzonder? De sfeer voornamelijk, het aanzicht op de tempels (met daarbij het gezang van de monniken) en de mooie natuur maakt het helemaal af. Daarnaast eten we hier verschrikkelijk lekker. John is verslaafd gemaakt aan de banana roti pancakes die we eerder al in Thailand hadden ontdekt. Hier zijn ze geupgrade door drie volle eetlepels met Nutellapasta aan toe te voegen, jammie! Inge heeft zich gestort op alles waar Mango inzit (mango smoothie, lassi, frappe, juice of cakes) en heeft een cafe gevonden waar ze de beste chocolate chip cookies ooit maken. Dus mochten jullie ons niet meer herkennen bij terugkomst: wij zijn degene met 20 kilo extra lichaamsgewicht.

De eerste dag hebben we ons met name vermaakt met rondwandelen, tempels bekijken en het bezoeken van de nightmarket (een eindeloze rij aan standjes die van alles & nog wat verkopen). Gisteren hebben we ons wat meer ingespannen. We zijn vroeg op gestaan (half 6) om de aalmoes ronde van de monniken bij te wonen. Zij mogen volgens de leefwijze van het Boedhisme zelf geen eten klaar maken. Bij zonsopgang maken zij daneen ronde door de stad waarbij ze eten uitgereikt krijgen door de inwoners (en steeds meer ook door de toeristen). Een prachtig gezicht: zo'n 300 monniken in hun oranje gewaden die langzaam voorbij komen wandelen. Na het ontbijt hebben we op de fiets de stad verder verkend en daarbij de belangrijkste/mooiste tempels bezocht. Vervolgens zijn we de Mekong overgestoken met de plaatselijke ferry om een andere tempel te bekijken. Wij dachten dit 'zo' wel te kunnen vinden en zijn op goed geluk een weggetje in gefietst. Deze leidde uiteraard niet naar de verwachtte tempel(tja ons richtingsgevoel he?...)maar naar een erg hobbelige weg, waar een paar mountainbikes goed van pas zouden zijn gekomen. Op onze hotelfietsen (zonder vering!) hebben we het een half uur vol gehouden maar na de zoveelste hobbel en heuvelzijn we toch weer omgedraaid. Respect voor de mensen die zuid oost Azie per fiets bereizen!

Uiteindelijk bleek dat we vanaf de ferry vrijwel meteen de eerste weg recht hadden moeten inslaan. Vervolgens alsnog naar de tempel gegaan, deze was oud en vervallen maar het uitzicht prachtig! Terug aan de andere kant van de Mekong hebben we Wat Phu Si bezocht. Een tempel midden in de stad, gebouwd op een heuvel die - hoe kan het ook anders - alleen door een lange trap te bereiken is. Maar de belofte op een prachtig uitzicht en een geweldige zonsondergang heeft ons naar boven gesleept. En inderdaad de zonsondergang was prachtig. Enig minpuntje... je bekijkt deze wel samen met 100 anderen.

Vandaag hebben we er een relaxed dagje van gemaakt: uitslapen, lekker eten, een massage en vanavond een cooking class! We hebben ons uitgeleefd in de Laotiaanse keuken. Met ons was er slechts een ander Canadees meisje dus we hadden bijna een prive cursus. De gerechten waren heerlijk en makkelijk zelf te maken. Dus als we thuis ook gedroogde varkenshuid kunnen krijgen, zijn jullie allemaal van harte uitgenodigd om te komen eten: wie durft?!

Morgen vertrekken we vroeg. Met de slowboat varen we twee dagen upstream de Mekong op, naar de grens van Thailand waar de Gibbon Experience op ons wacht... :-)

Hanoi & Halong Bay & Sapa

Imiddels zijn we alweer bijna een week in Vietnam. De tijd vliegt hier ook voorbij, dat lijkt jammer genoeg toch iets universeels te zijn... Maar we genieten volop! Het is heerlijk om samen weg te zijn, überhaupt vakantie te hebben en vooral het idee dat we nog 3 weken te gaan hebben is erg fijn. Nederland lijkt elke dag een stukje verder weg. Inmiddels zijn we via Hanoi naar Halong Bay gereisd en zijn we nu aangekomen in Sapa (tegen de grens met China). Het mooie weer reist met ons mee, overal schijnt de zon tegen alle voorspellingen in :-). Met een mooie temperatuur van zo'n 20-25 graden kunnen we acclimatiseren voor we de 40 tegemoet gaan... Hanoi was onze eerste kennismaking met Vietnam en typisch Aziatisch met overal eetstalletjes, verkopers en vooral héél véél verkeer. Het is bizar om te zien wat je allemaal op een brommer kan vervoeren en vooral wat voor een hoeveelheden! Zoals onze gids het later mooi omschreef: it`s not that we don`t have rules in vietnam, it`s just that everyone interpretates them differently... Nou dat slaat zeker op de verkeersregels, of het nu rood is, je van rechts komt of welke andere basisregel dan ook: hier houdt helemaal niemand zich aan. Wat resulteert in één grote chaos van auto`s, brommers (héél véél brommers), fietsers, voetgangers en tuctucs die allemaal tegelijk een eigen kant op gaan (en nee daarbij doen ze ook niet aan voorsorteren). Voor de eerste les oversteken zijn we dan ook gezakt. We maakten de 'stomme' fout om eerst naar links en rechts te kijken waardoor we door de eerste de beste fietser van onze sokken werden gereden. Hier geldt de regel vooral niet kijken en gewoon gaan. Naast het oversteken hebben we ons vermaakt met shoppen. Elke straat heeft hier zijn eigen thema. Zo heb je een straat waar ze alleen schoenen verkopen, dvd`s, speelgoed etc. Er schijnt zelfs een straat te zijn geheel in het teken van grafstenen, maar Inge was toch meer geïnteresseerd in de schoenen en juwelenstraat ;-). Vanuit Hanoi zijn we doorgereisd naar Halong Bay wat letterlijk ` descending dragon bay` betekent. Volgens de legende zijn de ongeveer 2000 kalkstenen eilandjes ontstaan door vuurspuwende draken die Vietnam beschermden tegen de invasie. Het is in ieder geval een prachtig gezicht! Per boot zijn we 2 dagen door de baai gevaren. Bij aankomst was het nog erg mistig dus zag je alleen silhouetten van de rotsen maar 's middags brak de zon door en zie je pas echt hoe mooi het is. Tussendoor zijn we wezen kayakken bij een fishing village en de volgende dag hebben we de 'surprise cave' bezocht. Zeker een verrassing want je verwacht niet dat zo'n grote grot kan bestaan op zo'n klein eiland. Erg mooi om te zien! Terug in Hanoi hebben we heerlijk gegeten en zijn vervolgens op de nachttrein naar Sapa gestapt. De kaartjes waren door het hotel geregeld en ze hebben een super deluxe trein (er zijn heel veel verschillende) voor ons geboekt compleet met kussens, lakens, schemerlamp, lcd televisie en slippers :-). Dus ondanks de hobbelige rit hebben we redelijk goed geslapen. Bij het station werden we netjes opgehaald en naar ons hotel gebracht. We slapen in een bed & breakfast zo'n 2 km buiten het stadje. Deze b&b heeft maar 3 kamers, omringd door een grote tuin en wordt gerund door een zoon en zijn twee ouders. De laatste zijn super schattige mensen die bijna geen engels kunnen maar het je ontzettend naar de zin proberen te maken. Het voelt een beetje als logeren bij opa en oma :-). En dan Sapa: een leuk stadje gelegen in de bergen met prachtige vergezichten over de rijstterrassen. De lente is hier net aangebroken dus alle bomen staan in de bloesem. De eerste dag hebben we in het stadje rondgelopen,de lokale markt bezocht, genoten van de uitzichten en een thaise massage gehad waarbij we bijna letterlijk in elkaar zijn gevouwen. 's Avonds hebben we in de b&b gegeten waarbij we een huis gemaakte vietnamese maaltijd kregen, super lekker! Gisteren hebben we een trekking gedaan waarbij je de dorpjes bezoekt van de verschillende bergstammen. Een mooie tocht met steeds mooiere uitzichten over glibberige paadjes tussen de rijst door. Daarbij vergezeld door vrouwen van de bergstammen die je aan het einde van de trip wat spulletjes proberen te verkopen. Het is bizar om te zien dat zij met een kind op de rug en op hun slippers zo de paadjes op en aflopen terwijl wij op onze bergschoenen met megagrip nog wegglijden... Vandaag is onze laatste dag hier en huren we een brommertje om de omgeving nog wat te verkennen. En dan vanavond de nachttrein naar hanoi om vandaar uit direct door te vliegen naar Luang Prabang in Laos. Time flies when you are having fun...